Diensten/Vieringen  

   

Activiteiten  

   

Gaandeweg gaat de vakantietijd over in een nieuw seizoen, dat hopelijk zal bruisen van leven en meeleven bij wat er in de gemeente weer te gebeuren staat! Elders vindt u daarover meer, onder andere in de oecumenische Noordrand-katern. Thema voor dit jaar is ‘Kerk met een missie’. Een mooie titel, waarin eigenlijk twee keer hetzelfde gezegd wordt. De bekende gemeentetoeruster ds. Marius Noorloos pleegt altijd te zeggen: ‘Een gemeente die niet missionair is, is demissionair……. Missionaire gemeente is net zoiets als groen gras’. Nu is ‘missie’ meer dan ‘zending bedrijven’ en ‘de straat opgaan’. ‘Missionair’ heeft vooral te maken met hoe je gemeente bent. Zijn we een gesloten groep, vooral met onszelf bezig? Of zijn we ons ervan bewust dat de Heer ook ons wil gebruiken als bruggenhoofd naar de wijk?

Het is goed om te bedenken dat we als kerk meer zijn dan een clubje gelijkgezinden. Het woord ‘kerk’ komt van een Grieks woord dat betekent ‘wat van de Heer is’. Dat is het meest wezenlijke van ons gemeente-zijn. Graag wil ik nog eens opnieuw een van de meest inspirerende beelden van de kerk naar voren halen, die we in het Nieuwe Testament vinden: de gemeente als ‘lichaam van de Messias’. We vinden dat beeld in Romeinen 12:4 e.v. in 1 Corinthiërs 10 en 12. In de brieven aan de Efeziërs en de Colossenzen wordt het beeld dan ook nog weer op een nieuwe manier uitgewerkt.
In het beeld kunnen we drie dimensies onderscheiden:
- de dimensie van onderlinge verbondenheid. Zie 1Cor. 12: een lichaam functioneert alleen goed als alle delen goed op elkaar zijn afgestemd. Alleen als er onderlinge waardering en opbouw is, krijgen de verschillende delen de kans optimaal te functioneren. Alleen dan is er ook sprake van saamhorigheid, van een geheel. Hoeveel komt daarvan terecht in onze gemeente? Het beeld maakt duidelijk dat je niet zonder elkaar kunt en ook niet moet willen kunnen. De gemeente is een functionerend gezin. Daar ben je in ‘ingedoopt’. Daarmee heb je je bij je belijdenis verbonden.
- de dimensie naar Boven. In de brieven aan de Efeziërs en de Colossenzen krijgt het beeld van het lichaam een nieuwe uitwerking: zonder hoofd kan een lichaam niet functioneren. Christus is het hoofd van de kerk. Alleen als we op Hem gericht blijven kunnen we een lévend lichaam zijn, een vitale gemeente. Daarom blijven we het volhouden om met Hem de joodse Bijbel te lezen en ons telkens opnieuw te laten inspireren door het Evangelie van en over Hem.
- Tenslotte is er de dimensie naar buiten. Door middel van ons lichaam communiceren wij met de buitenwereld. Aan ons lichaam zijn wij herkenbaar. Zonder lichaam is ons mens-zijn niet denkbaar. Door middel van zijn lichaam, de gemeente, wil Christus communiceren met samenleving en wereld. Er ligt dus ook een missionaire dimensie in het beeld.

Naar aanleiding van het bovenstaande zou ik u en jou willen uitnodigen eens na te denken over de volgende stellingen:
* Alleen als het lichaam in onderlinge samenhang goed functioneert, kan het ook optimaal naar buiten treden. Alleen een vitale gemeente met veel toewijding kan aantrekkelijk zijn voor buitenstaanders.
* Alleen als we daadwerkelijk ervoor open staan om als gemeente iets te betekenen voor de buurt, worden de interne lichaamsfuncties – de gaven die ieder heeft gekregen - optimaal geactiveerd.

Hans Mudde schreef een lied over de kerk waarin zowel het ‘naar binnen’ als het ‘naar buiten’ van de kerk mooi wordt verwoord. Het is te vinden in Zingend Geloven (IV, 47). Graag wil ik het op deze plek doorgeven.

Zij is mij lief: de ware kerk.
In haar ben ik herboren,
gedoopt draag ik haar watermerk,
haar mag ik toebehoren.
Ik heb haar hoog: haar wakend oog
ziet hoe 't mij gaat, treft mij het kwaad,
zij keert het toch ten goede.
Dan staat zij mij met raad ter zij
en metterdaad een moeder
spreekt zij van vrees mij vrij.

Zij is mij lief: de ware kerk.
In haar ben ik getogen.
Met brood en wijn houdt zij mij sterk
ondanks mijn onvermogen.
Ik houd het maar bij dat gebaar
dat krachtig is: gedachtenis
van Hem die bracht het leven.
Zo zendt zij mij de wereld in
om daar het brood te delen
met vriend en vreemdeling.