Diensten/Vieringen  

   

Activiteiten  

   

Welnu, dit zegt de HEER,
die jou schiep, Jakob, die jou vormde, Israël:
Wees niet bang, want Ik zal je vrijkopen,
Ik heb je bij je naam geroepen, je bent van Mij!
Moet je door het water gaan – Ik ben bij je;
of door rivieren – je wordt niet meegesleurd.
Moet je door het vuur gaan – het zal je niet verteren,
de vlammen zullen je niet verschroeien.
Want Ik, de HEER, ben je God,
de Heilige van Israël, je redder.
Mijn getuige zijn jullie – spreekt de HEER –,
mijn dienaar, die Ik uitgekozen heb
opdat jullie mij zouden kennen en vertrouwen,
en zouden inzien dat Ik het ben……. (Jesaja 43: 1-3a, 10a)

De eerste woorden worden vaak bij de doop meegegeven. ‘Ik heb je bij je naam geroepen, je bent van Mij…..’ Wat zouden ze voor ons als gemeente in onze situatie vandaag kunnen betekenen?
De woorden waren oorspronkelijk gericht tot Joodse ballingen in Babel.
De ballingschap betekende een langdurige crisis voor het volk van God. Men vroeg zich af: heeft de HEER nog wel wat met ons? Heeft Hij nog wel wat te betekenen, temidden van al die goden van de heersende machten? Niettemin heeft deze crisis van zo’n 70 jaar veel betekenis gekregen. De tempel was er niet meer, maar men ging wel synagogen bouwen. Men ging de oude tradities verzamelen, die ertoe leidden dat grote delen van het huidige Eerste Testament werden vastgelegd. Er waren profetische figuren, die inzicht en uitzicht boden. Inzicht in eigen geloof en ongeloof, ook in eigen falen waardoor men ver van God en huis raakte, maar ook uitzicht: de Eeuwige blijft hoe dan ook trouw aan zijn volk en daarin trouw aan zijn schepping. Hij is de Heer van de geschie-denis en neemt zijn volk in dienst: Ik heb je bij je naam geroepen, je bent van Mij. Gods volk wordt persoonlijk aangesproken als ‘Jacob’, als ‘Israël dat Ik gevormd heb’.
Er doen zich kansen voor. Een nieuwe machthebber, de Perzische koning Cyrus, maakt het mogelijk terug te keren naar het Beloofde Land. Het zal een nieuwe uittocht zijn. Het oude verhaal krijgt opnieuw handen en voeten. Al zal de weg moeizaam wezen, er is een Belofte: ook als het door diep water gaat, zul je niet worden overspoeld, ook als het een vuurproef is, zal de vlam je niet verteren. Want er is een roeping, een opdracht, ‘uitverkiezing’: ‘Mijn getuigen zijn jullie’.
Wij zijn gemeente in een veranderende tijd en mogen deze woorden als leer-lingen van Jezus, Zoon van Israël, mee beluisteren. Soms is het of ook de kerk gaandeweg in ballingschap raakt. Niettemin geldt de opdracht ook voor ons: God leren kennen en vertrouwen en zo met ons (samen)leven getuigen worden van Hem, van Jezus. Die opdracht omvat dus meer dan het onderhouden van een kerkgebouw. Het is uiteindelijk niet de toren, maar de gemeente, die naar boven wijst. Niettemin: zonder gebouw gaat het ook niet. Daarbij moet je wel blijven vragen: is dít gebouw nog dienstbaar aan onze opdracht? Of is het een belasting geworden, die ons hindert de werkelijke prioriteiten te volgen? Ook wij zijn bij de naam geroepen: ‘gemeente van Jezus Christus’. Als we in de vuurproef van vandaag daadwerkelijk getuigen zijn, is dat nooit zonder belofte: ‘jullie zijn van Mij…. Ik ben bij jullie’.
Goede woorden om de zomertijd mee in te gaan, op weg naar een nieuw seizoen.

Ds. Gerrit van den Dool