Diensten/Vieringen  

   

Activiteiten  

   

Eer je vader en je moeder.....

In dit gebod gaat het om de meest vitale relatie in ons leven. In de relatie tussen ouders en kinderen wordt het leven doorgegeven. We hebben onszelf niet uitgevonden. Zonder onze ouders zijn wij niet te denken. Dat moeten wij gewicht geven. Want dat betekent ‘eren’ letterlijk. Niets minder dan onze toekomst is daarbij in het geding, zo wordt ons gezegd: ‘opdat jullie dagen verlengd worden in het land dat de HEER jouw God je geven zal’. Dat ‘land’ is niet de natie waarin je leeft, maar de grond waarop je leeft. Het gaat dus om toekomst met grond onder de voeten.

 

Paulus spreekt van een gebod van de eerste rang, met een belofte (Ef. 6:2).

Je zou het vijfde gebod kunnen zien als een algemeen-menselijke waar-heid.

In de Bijbel echter maakt het deel uit van de Tien scheppende Woorden, die God geeft als de HEER die zijn volk bevrijd heeft uit dwangland Egypte. Al die tien Woorden zijn niets anders dan uitwerking van dát ‘evangelie’. Tien recepten om bij de vrijheid bewaard te blijven. De ouders hebben de taak dat verhaal van bevrijding door te geven. Zij gaan aan ons vooraf, net als de HERE God. Daarom vormt dit gebod, dit Woord, een brug van de eerste tafel (de liefde tot God) naar de tweede tafel (de liefde tot de naaste).

De joodse traditie plaatst dit gebod op de eerste tafel. Via onze ouders, ons voorgeslacht, komt God ons leven binnen en krijgen we te horen dat Hij ons grond onder de voeten geeft. De opdracht om daarover te (blijven) vertellen geeft het ouderschap iets van een ‘ambt’ en dat is hun ‘gewicht’. Zij zijn ons door God gegeven.

Dat geeft hun gezag: zij hebben ons wat te zeggen. Maar dat stelt tegelijk een grens: zij zijn niet God zelf. Het ouderlijk gezag is nooit absoluut. Je ouders EREN betekent niet dat je ze moet VEReren.

In de verhouding tussen ouders en kinderen gebeurt veel kostbaars, maar kan ook veel ontsporen.

Soms is er misbruik. Soms is er geweld of kleinering, waarbij niet zelden hetzelfde ‘script’ wordt doorgegeven van geslacht op geslacht. Dan zal een kind later een ander gewicht (moeten) geven aan de ouders dan wanneer er louter dankbaarheid is. Het is dan heilzaam om te weten dat eren dus echt iets anders is dan vereren en in alles gehoorzamen.

Het verschil tussen die twee kan ouders ook helpen zich te realiseren dat hun kind niet hun bezit is en dat ze het daarom niet mogen persen in het keurslijf van hun eigen ambities.

Ten slotte: het gebod is in eerste instantie gericht tot volwassenen. Het is een oproep om je vader en je moeder hoog te achten, ook in de vorm van respectvolle zorg, als hun krachten zijn afgenomen en zij niet meer ‘econo-misch rendabel’ zijn. Deze zorg vraagt om respectvolle vormen, die ik soms mis als ik zie hoe in instellingen hoogbejaarde mensen ongevraagd getu-toyeerd en zo gekleineerd worden. Overigens met heel veel respect voor dikwijls overbelast personeel dat liefdevol zorg geeft, terwijl kinderen het niet zelden laten afweten……

‘Wie het voorgeslacht niet eert, verspeelt de toekomst’, schreef iemand.

Zo is het.

Gehoorzaamheid aan het vijfde gebod betekent zo dat wij bereid zijn te ‘horen’ naar wat het voorgeslacht ons ‘te zeggen heeft’.

Als er geen eerbied is voor ouders, voor het voorgeslacht, kan er ook geen eerbied zijn voor de mensen om ons heen en de dingen om ons heen, schreef de bekende rabbijn Abraham Heschel ooit. Wie niets te zeggen heeft, heeft geen ‘gezag’.

Dat vraagt dus wel om ouders die ‘eerwaardig’ voorgaan: dat zij werkelijk wat ‘te zeggen’ hebben door voor te gaan op de weg van God.

Heschel: “Mijn probleem als vader is waarom mijn kind mij zou eerbiedigen. Tenzij mijn kind in mijn persoonlijke bestaan daden en houdingen waar-neemt, die eerbied wekken - het vermogen om genoegens uit te stellen, vooroordelen te overwinnen, het heilige gewaar te worden, te streven naar het edele - waarom zou mijn kind mij (anders) eerbiedigen?”

Ds Gerrit van den Dool

Dit artikel werd geschreven ter voorbereiding op de themadienst op 26 januari 2014